
11 meest gestelde vragen van HR over fietsvergoeding (update 2026)
De fietsvergoeding: een interessant nettovoordeel voor werknemers, een veelbesproken onderwerp onder werkgevers en HR-verantwoordelijken. Zit je ook met vragen over de fietsvergoeding? Dan ben je hier op de juiste plek, want we beantwoorden in dit artikel de meest gestelde vragen van HR-verantwoordelijken over de fietsvergoeding.
TL;DR: dit moet je in 2026 weten over de fietsvergoeding
- De fietsvergoeding is verplicht in de privésector (profit en non-profit) voor werknemers die regelmatig naar het werk fietsen. Het bedrag verschilt wel per sector of bedrijf.
- Een sectorale of ondernemings-cao bepaalt het bedrag en de voorwaarden. Is er geen regeling, dan geldt cao nr. 164: € 0,30 per kilometer (geïndexeerd bedrag sinds 1 januari 2026), voor maximaal 40 kilometer heen en terug per dag. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.
- Het maximale bedrag aan fietsvergoeding dat in 2026 vrijgesteld is van belastingen en sociale zekerheidsbijdragen is € 0,37 per kilometer, met een jaarlijks plafond van € 3.700 per werknemer (geïndexeerde bedragen sinds 1 januari 2026).
- Alleen effectief gefietste woon-werkkilometers komen in aanmerking. Een goede registratie is dus belangrijk.
- Voor werknemers is de vergoeding alleen belastingvrij als ze in hun belastingaangifte kiezen voor de forfaitaire beroepskosten. Als de werkelijke kosten worden afgetrokken, vervalt de fiscaal gunstige behandeling.
1. Is een fietsvergoeding verplicht?
Sinds mei 2023 is de fietsvergoeding verplicht in de privésector (zowel profit als non-profit). Die verplichting volgt uit sectorale regelingen of cao nr. 164 van de Nationale Arbeidsraad. Als werkgever ben je enkel verplicht om een fietsvergoeding uit te betalen aan werknemers die regelmatig met de fiets naar het werk komen. Wat regelmatig is, lees je bij vraag 5.
Cao nr. 164 geldt niet voor de publieke sector. Daar kan wel een fietsvergoeding gelden op basis van een eigen personeelsstatuut of rechtspositieregeling, zoals bij de Vlaamse overheid. Al is dat niet overal even ver uitgewerkt: in onderwijs en zorg bestaat er bijvoorbeeld nog geen regeling.
Meer lezen over de verplichte fietsvergoeding? Group S schreef er een helder juridisch artikel over.
2. Hoeveel fietsvergoeding moet je betalen als werkgever?
Dat hangt af van de afspraken in je sector of bedrijf. Bestaat er voor je paritair comité een cao over de fietsvergoeding? Dan gelden het bedrag en de voorwaarden uit die sectorale cao. Die kan bijvoorbeeld bepalen hoeveel je werknemers krijgen per kilometer en voor welke maximumafstand per dag. Je mag ook meer betalen dan wat staat vermeld in de sectorale cao.
De fietsvergoeding per kilometer mag ook op ondernemingsniveau worden bepaald. Maar let op:
- Bestaat er al een sectorale regeling? Dan mogen de fietsvergoeding en de maximumafstand niet lager liggen dan wat er op sectorniveau is afgesproken (de afspraken moeten dus minstens even gunstig zijn). Je mag ook meer betalen dan wat staat vermeld in de sectorale cao.
- Is er geen sectorale fietsvergoeding? Dan kan een ondernemings-cao eigen bedragen en voorwaarden bepalen. Er geldt dan geen wettelijk minimumbedrag, maar een ondernemings-cao wordt onderhandeld met de vakbond en moet ook door de vakbond worden ondertekend. In de praktijk zal een vakbond dus niet snel akkoord gaan met minder dan € 0,30 per kilometer, het bedrag uit cao nr. 164.
Is er zowel op sectorniveau áls ondernemingsniveau niets vastgelegd over de fietsvergoeding? Dan geldt cao nr. 164. In 2026 is de fietsvergoeding volgens deze cao minimaal € 0,30 per kilometer (dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd) voor maximaal 40 kilometer heen en terug per dag.
Het maximale fiscaal en sociaal vrijgestelde bedrag voor fietsvergoeding 2026
Het maximale fiscaal en sociaal vrijgestelde bedrag voor de fietsvergoeding in 2026 is € 0,37 per kilometer, met een jaarlijks plafond van € 3.700 per werknemer. Dat is het maximum dat je vrij van belastingen en sociale zekerheidsbijdragen kan betalen. Alles wat meer is dan die € 0,37 per kilometer wordt wel belast aan de progressieve tarieven en is onderworpen aan sociale zekerheidsbijdragen.
Waarom zou je meer dan het minimumbedrag betalen?
Om meerdere redenen.
- Het is een aantrekkelijk nettovoordeel voor werknemers. Zolang de vergoeding maximaal € 0,37 per km is (het maximum belastingvrije bedrag), wordt de vergoeding niet belast en moeten werknemers er ook geen sociale zekerheidsbijdragen op betalen.
- Het is voor jou als bedrijf ook belastingtechnisch interessant om een fietsvergoeding uit te keren. Waarom dat zo is, lees je hieronder in vraag vier.
- Het mooie nettovoordeel is ook een stimulans voor werknemers om te pendelen met de fiets.
- Meer mensen die met de fiets komen, betekent ook minder parkeerproblemen.
- Wie fietst, heeft minder stress en beweegt. Zo investeer je ook meteen in gezonde werknemers.
Redenen genoeg dus om je werknemers een fietsvergoeding van € 0,37 per km te betalen.

3. Welke werknemers hebben recht op een fietsvergoeding?
De fietsvergoeding geldt voor werknemers die regelmatig met de fiets naar het werk komen. Het type fiets maakt daarbij niet uit (elektrische fiets, speedpedelec, stadsfiets…). Het maakt ook niet uit of de werknemer op een leasefiets, eigen fiets of bedrijfsfiets rijdt.
Tip: controleer wel altijd de sectorale of bedrijfsafspraken, waarin extra voorwaarden kunnen staan.
4. Hoeveel kost de fietsvergoeding jou als werkgever?
Als werkgever mag je de fietsvergoeding tot € 0,37 per km inbrengen als 100% aftrekbare bedrijfskost. Daardoor daalt de bedrijfswinst en dus ook de vennootschapsbelasting, wat een aanzienlijk voordeel met zich meebrengt voor het bedrijf.
Hoe zit het dan met de fietsvergoeding en sociale zekerheidsbijdragen in hoofde van de werkgever? Ook daar is de regeling interessant: als werkgever betaal je op de fietsvergoeding geen patronale sociale zekerheidsbijdragen (RSZ), zolang je binnen het maximaal vrijgestelde bedrag blijft (in 2026 is dat € 3.700 per jaar per werknemer). Betaal je meer uit, dan moet je op het deel boven het plafond wel belastingen en sociale zekerheidsbijdragen betalen.
Dus: is fietsvergoeding voordelig voor de werkgever? Zeker wel. Via de fietsvergoeding kan je je werknemers namelijk op een fiscaal voordelige manier stimuleren om met de fiets naar het werk te komen. Geen reden om het niet te doen, toch?
5. Hoe vaak moet een werknemer naar het werk fietsen om recht te hebben op fietsvergoeding?
De werknemer moet de fiets regelmatig gebruiken voor het woon-werkverkeer. Er is geen algemeen minimumaantal fietsdagen dat voor elke werknemer en werkgever geldt. Sterker nog: vandaag bestaat er geen pasklaar, wettelijk antwoord op de vraag wat telt als 'regelmatig’ gebruik van de (lease)fiets voor woon-werkverkeer. Ook over hoe je dat precies bewijst, bestaat er geen consensus.
Het minimumgebruik van een (lease)fiets door je werknemers bepaal je als werkgever of HR-medewerker zelf. De meeste van onze klanten gaan voor de 20%-regel. Dat houdt in dat werknemers die voltijds werken worden verwacht om minstens één keer per week met de fiets naar het werk te rijden.
Maar je kan het ook op andere manieren invullen. Kies bijvoorbeeld voor een aantal dagen per maand. Of je past de fietsfrequentie aan per seizoen. Want in de zomer springt iedereen al eens graag op het zadel, terwijl de koude wintermaanden vaak minder uitnodigen tot fietsen. Hoe je dat allemaal bijhoudt? Dat lees je bij vraag 6.
6. Hoe registreer je gefietste kilometers?
Er bestaat geen wettelijke regeling om het aantal gefietste kilometers van je werknemers bij te houden. Bij o2o Bicycle Leasing zien we dat klanten vaak voor één van de twee onderstaande opties kiezen:
- Digitale registraties van het aantal fietskilometers gekoppeld aan een elektronische toegangscontrole of fietskalender. Een paar ideeën:
- Registreren via een logboek of platform.
- Koppel badgegegevens van de fietsparking aan ritten of doe regelmatig een steekproef.
- Laat werknemers hun ritten bijhouden in een activiteitenapplicatie zoals Strava. Als je voor deze optie kiest, doe dan zeker vooraf een privacy-analyse (o.m. GDPR).
- Werknemers een eenmalige verklaring op eer laten tekenen.
Goede registratie is belangrijk
Laat werknemers hun gefietste woon-werkkilometers goed registreren. Dit is niet alleen van belang bij de toekenning van de fietsvergoeding, maar ook wanneer je als werkgever een leasefiets ter beschikking stelt aan de werknemers. In dat geval moet je aan de fiscus kunnen aantonen dat de leasefiets effectief wordt gebruikt voor woon-werkverkeer. Alleen dan is de leasefiets vrijgesteld van een voordeel alle aard (VAA). Als dit niet aangetoond kan worden, moet er op de werkelijke waarde van de leasefiets belastingen en sociale zekerheidsbijdragen worden betaald.
7. Kan je andere mobiliteitsvergoedingen combineren met de fietsvergoeding?
Meestal wel. Een werknemer kan bijvoorbeeld de ene dag met de fiets komen en de andere dag het openbaar vervoer of de (bedrijfs)wagen gebruiken.
Let wel op: in sommige cao’s staat dat een bedrijfswagen niet gecombineerd kan worden met een fietsvergoeding. Gaat het om een ondernemings-cao? Dan kan die enkel gewijzigd worden via nieuw overleg met de vakbondsafvaardiging of overlegorganen binnen de onderneming, en niet eenzijdig door de werkgever. Check dus altijd de specifieke afspraken in je eigen cao.
8. Geldt de fietsvergoeding alleen voor de kortste route naar werk?
Nee, want de kortste route is niet altijd de veiligste route. Of je werknemer doet een kleine omweg om de kinderen af te zetten op school. Ook al fietsen je werknemers niet via de kortste route naar het werk, ze kunnen voor de kleine omweg de fietsvergoeding aanvragen.
Je kan trouwens een maximumaantal kilometers vastleggen waarvoor je fietsvergoeding betaalt. Elk paritair comité kan dit zelf beslissen.

9. Kan je met forfaitaire vergoedingen werken?
Nee, werken met forfaitaire vergoedingen voor de fietsvergoeding is niet mogelijk, want de fietsvergoeding is alleen vrijgesteld van belastingen en sociale zekerheidsbijdragen als die specifiek wordt toegekend voor het gebruik van de fiets voor woon-werkverplaatsingen. Daarom moet de fietsvergoeding ook berekend worden op basis van het aantal effectief gefietste kilometers.
10. Waarmee moeten je werknemers rekening houden bij de belastingaangifte?
Krijgen werknemers een fietsvergoeding van € 0,37 per km, dan is de fietsvergoeding vrijgesteld van belastingen tot een bedrag van maximaal € 3.700 (inkomstenjaar 2026, aanslagjaar 2027). Gaat de vergoeding per kilometer of op jaarbasis boven die grens? Dan wordt niet de hele vergoeding belast, maar enkel het stuk erboven. Het overschrijdend deel wordt beschouwd als gewoon loon: het wordt belast tegen de progressieve belastingtarieven van de werknemer en er wordt RSZ (13,07%) op ingehouden.
De vrijstelling is er alleen als de werknemer in de belastingaangifte kiest voor de forfaitaire beroepskosten.
Kiest de werknemer voor de werkelijke beroepskosten? Dan wordt de ontvangen fietsvergoeding belast als beroepsinkomen. De vergoeding is dan dus niet belastingvrij.
11. Hebben werknemers recht op een fietsvergoeding binnen het mobiliteitsbudget?
Doorgaans niet. Wanneer een werknemer instapt in het federale mobiliteitsbudget, komt de fietsvergoeding uit dat beschikbare budget. De werkgever betaalt de vergoeding uit, waarna hetzelfde bedrag van het mobiliteitsbudget wordt afgetrokken.
Er bestaat wel een uitzondering. Een werknemer kan de fietsvergoeding bovenop het mobiliteitsbudget blijven ontvangen als die vóór de overstap:
- minstens drie maanden een fiets leasede voordat ze in het mobiliteitsbudget stapten;
- recht had op zowel een bedrijfswagen als een fietsvergoeding;
- al fietsvergoeding kreeg, naast het mobiliteitsbudget.
.png)


